Interview Frits Benoist

Frits heeft zijn sporen als Yijing-kenner intussen wel verdiend. Hij bestudeert de Yijing sinds 1996. Hij gebruikt het boek voor de verdieping van zijn dagelijks leven en is daarnaast een gewaardeerd docent. Met zijn didactische kwaliteiten weet hij de oude teksten van de Yijing helder en eigentijds voor het voetlicht te brengen.

Frits, jouw workshop heet ‘Uit de kast’, een opmerkelijke titel, hoe zit dat?

Prachtige titel, inderdaad, niet zelf bedacht maar wel raak. Bij mij stond sinds 1979 een Yijing in de boekenkast, ik vond het een heel deftig boek. Het is er pas in 1996 echt uitgekomen.

OK, so what?

In 1996 heb ik de Yijing pas echt ter hand genomen, ik ben hem serieus gaan gebruiken en bestuderen. Door die studie ben ik langzamerhand met het boek ‘uit de kast gekomen’.

Hmm?

Wat ik bedoel is dit. Sinds 1996/97 ben ik er serieus en diep in gedoken en van dat wonderlijke wijze boek gaan houden. Stap voor stap heb ik het boek leren kennen en iedere keer opnieuw viel me weer een stuk inzicht ten deel dat me verder bracht. Dat gaf mij grote voldoening maar ik had in het begin nog niet de moed daar niet zo een, twee, drie mee naar buiten te komen.

De wijsheid van de Yijing stoelt op totaal andere uitgangspunten en vooronderstellingen dan wij als westerlingen gewend zijn. Intuitief, irrationeel, waarzeggerij, zijn woorden die in onze cultuur erg gemakkelijk met de Yijing geassocieerd worden: maar het zijn toch wel negatieve connotaties. Daar wilde ik niet meteen mee in verband gebracht worden. Dus, pas toen ik zelf meer en meer met de Yijing kon doen, voelde dat als ‘uit de kast komen’: tegen de hoofdstroom in gaan staan voor iets wat ik wezenlijk en waardevol vind. Dat gun ik andere mensen ook.

Waarom 1996, wat was er toen aan de hand?

Ik zat in een stevige persoonlijke crisis. Ik had (en heb) een leuk gezin met twee opgroeiende zonen en een boeiende baan, alles in orde. Totdat ik plotseling te horen kreeg dat ik overcompleet was en ik – weliswaar met een aardige regeling – aan de kant werd gezet. Op straat, overbodig, u-kunt-gaan, op mijn 54ste! Dat kwam niet voor in mijn toenmalige woordenboek, dus ik was danig van de kaart. In die toestand ging ik naar het ITIP voor wat orde in de chaos. Daar leerde ik Jaap Voigt kennen die de Yijing introduceerde met prachtige beelden en verhalen van de hexagrammen. En … ik was verkocht.

Het is nu 2017, wat gebeurde er in die 20 jaar?

Gegrepen door de wijsheid van de Yijing studeerden we in een klein groepje. Jarenlang kwamen we maandelijks bij elkaar om te oefenen en uit te wisselen. We ontdekten steeds meer, kregen inzichten en langzaamaan kwamen hoofd, hart en handen weer een beetje op één lijn. Van het één kwam het ander. Ik ging met vrienden de Yijing raadplegen, we begonnen achtergronden te ontdekken en aan elkaar uit te leggen. En zo ging ik, bijna als vanzelf, cursussen geven.

Van huis uit ben ik psycholoog en in mijn werk heb ik altijd trainingen en cursussen ontwikkeld. Daar hield ik een liefde voor didaktiek aan over die ik ook kon inzetten bij mijn pogingen de Yijing toegankelijker te maken. Zo groeide ik in de rol van ‘docent Yijing’.

Wat doe jij in je cursussen?

Ik doe met mijn cursisten verschillende dingen, of misschien beter: ik werk op verschillende lagen. Bijvoorbeeld, als je de Yijing wilt raadplegen, moet je een vraag hebben. Maar wat is de goede vraag? Daar ga ik dan met hen mee aan de slag. Wat betekent die vraag voor je nu, op dit moment, waar komt die vraag uit voort, wat is de context, hoe actueel is ie, klopt de formulering etc. etc. Zo’n vraag verhelderen kan best wat tijd in beslag nemen, want het leven is gelaagd en ik wil graag zo precies mogelijk zijn, want dan gaan ze ook echt iets met het antwoord uit het boek doen!

Dan … je moet je toevertrouwen aan het toeval, muntjes gooien, … dat vinden ze soms heel eng, hoe kunnen nou die stomme muntjes mijn toekomst gaan bepalen!? Waarom moet dat?? Tja, lastig, maar dat ‘moet’ omdat het de enige manier is om ruimte te maken voor elk denkbaar antwoord. Want aan de Yijing stel je alleen een vraag als je het echt niet weet! Anders hoef je het boek niet te raadplegen; dat noemt de Yijing in een paar hexagrammen: lastig vallen. Dat moet je niet doen bij een oude wijze Chinees.

Door zo intensief met de vraag bezig te zijn, wordt iemand op de goede manier ontvankelijk voor het antwoord. Dat is voor mij een heel belangrijk aspect van de raadpleging: het ontvangen en laten doordringen van het antwoord. De boodschap die de Yijing voor je in petto heeft, kan heel confronterend zijn.

De Yijing toont in het antwoord vaak een aspect van je leven of van jezelf dat je liever niet ziet, nooit ziet, want het is een blinde vlek. Ik probeer dus cursisten zo voor te bereiden dat ze zich werkelijk openstellen, en dat zij hun vraag of probleem serieus nemen, waardoor het antwoord ook echt kan binnenkomen en tot iets leidt, dat is voor mij heel vervullend.

Ik heb ook workshops gegeven over het Seizoenenboek van Jaap Voigt, en over het Spel der Veranderingen van Han Boering, met de kaarten die hij ontwierp.

Ik heb mensen wel horen zeggen dat de Yijing voor hen een vriend voor het leven is, beleef jij dat ook zo?

Mmm, ja toch wel. Laat ik het van een andere kant benaderen. Voor mij is bijvoorbeeld hexagram 5, het Wachten, een aantal malen van heel grote betekenis geweest. Even niets doen, even rustig afwachten, kijken wat er gebeurt, er nog een nachtje over slapen, het laten bezinken. Je zou kunnen zeggen dat dat zo langzamerhand de basis is geworden van veel beslissingen zoals ik die nu neem. In onze wervelende, actiecultuur is dat vaak een heilzaam tegenwicht, even pauze. Zo langzamerhand ‘doe ik steeds meer door niet te doen’ en zodoende krijg je meer en meer een Taoïstische inslag. Iemand zei daarvan een keer: ‘Mmm, zeker lekker lanterfanten!’ maar die had het nog niet echt begrepen.

Tja, zo werkt de Yijing bij mij door in mijn dagelijks leven. Maar begrijp me goed, er zijn talloze manieren om met de Yijing in de weer te zijn. Je kunt ook echt studeren, je richten op de geschiedenis, de taal, de beelden, de onderliggende systematiek van de lijnen, noem maar op. Maar ik ben en blijf natuurlijk toch een psycholoog, vrees ik, een mensen-mens, en al zijn er heel vreemde exemplaren bij, ik vind de mens (inclusief mezelf) het boeiendste om me mee bezig te houden. Bovendien deden die oude Chinezen dat ook, daar schreven ze boeken over vol en daar kunnen wij hier nog een hele hoop van leren.

Mooi verhaal Frits, en nu je workshop, hoe gaat die eruitzien?

Ik wil het ’t liefst zo praktisch mogelijk doen: wat doe je nou met dat boek; hoe werk je ermee? Maar daar zijn nogal wat verschillende opvattingen en werkwijzen over! Ik wil een paar verschillende manieren van gebruik laten zien. Daarom, en dat is het leuke van die workshop, doen we het met een paar verschillende ‘experts’, elk met een eigen manier van doen.

Ik begin met een korte inswinger over de Yijing: hoe stel je een vraag, hoe zoek je het hexagram op, hoe interpreteer je het antwoord en wat betekent dat concreet voor je gedrag. Daarna gaat de groep uit elkaar in kleinere groepjes om met die ‘experts’ te oefenen met hun eigen vragen: muntjes gooien, hexagram opzoeken, kijken waar het antwoord aan ‘raakt’, wat het je doet. Misschien komen er vragen over de familie of de gemeenschap maar het mag natuurlijk ook iets heel anders zijn; als het maar iets is wat je nu echt bezig houdt.

In mijn manier van werken ligt de nadruk op de betekenis die je kunt geven aan wat de Yijing op je vraag zegt: waar raakt het aan, wat doet ‘t je, wat kun je ermee. Het is vaak ook een oefening in je intuïtie gebruiken, vertrouwen op wat je hart je ingeeft. En even dat eigenwijze en maakbare denken een beetje opzij zetten; denken doen we wel genoeg hoor!

Frits, helder, het lijkt me voor beginners een mooie kennismaking en wie weet kunnen de gevorderden hun eigen manier en ingesleten patronen weer eens bijstellen en fijnslijpen. Veel plezier.

Dank je, ik zie er ook naar uit om er met elkaar een leuke en zinvolle middag van te maken.

Stichting Yijing Studies